Home > Wat is religieus erfgoed? > Gebouwen

Gebouwen

Religieuze gebouwen maken een aanzienlijk deel uit van het rijke gebouwenpatrimonium in Vlaanderen. Vooral de parochiekerken nemen in ons cultuurlandschap een prominente en beeldbepalende plaats in. In de stad en op het platteland ontwikkelden dorpen en steden zich rond de kerk. De invloed van de rooms-katholieke kerk was in het verleden zeer groot. Onderwijs, ziekenzorg en bejaardenhulp waren maar enkele aspecten van de samenleving die door de religieuze instellingen werden georganiseerd. Dit komt architecturaal tot uiting in kerken, klooster, abdijen en kapellen. Het zijn de monumentale getuigen van onze culturele identiteit en geschiedenis. Het religieuze onroerend erfgoed heeft nagenoeg steeds een belangrijke historische, culturele en architecturale waarde.

Parochiekerken vormen wellicht de bekendste groep van religieuze gebouwen in Vlaanderen. De parochiekerk is in de eerste plaats de centrale en titulaire cultusplaats van een gelovige christelijke gemeenschap binnen de territoriale grenzen van een parochie. Daarnaast staan ze vaak ook fysiek-ruimtelijk- in het centrum van het sociaal-cultureel weefsel van een dorp, gemeente- of stadswijk. Sommige parochies hebben meer dan één kerk. We spreken dan over bijkerken of annexen. Er bestaan meerdere types van kerken die ook de functie van een parochiekerk kunnen uitoefenen. Zo kennen we ook de termen noodkerk, abdijkerk, kloosterkerk, begijnhofkerk, kathedraal, kapittelkerk en bedevaartskerk (basiliek).

Vlaanderen staat ook bekend om haar kapellen. We kunnen verschillende types onderscheiden, afhankelijk van de plaats waar de kapel zich bevindt. Zo kennen we bijvoorbeeld schoolkapellen of kloosterkapellen. Verder zijn er nog abdijen, kloosters en begijnhoven, en in mindere mate commanderijen, kluizen en priorijen. Niet te vergeten zijn de talrijke gebouwen die gerelateerd zijn aan de religieuze instellingen: pastorieën, scholen, ziekenhuizen, parochiezalen...

Binnen het religieuze gebouwenpatrimonium moet een onderscheid gemaakt worden tussen publiekrechtelijk en privaatrechtelijk religieus erfgoed. Onder de eerste noemer horen onder meer parochiekerken en pastorieën thuis. Kloosters en abdijen behoren tot het privédomein en zijn eigendom van een religieuze gemeenschap. Het zijn voorbeelden van privaatrechtelijk religieus erfgoed.

Het departement Onroerend kerkelijk erfgoed van het Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur (CRKC) is het aanspreekpunt voor valorisatie, herbestemming en nevenbestemming van cultusgebouwen voor de openbare eredienst. Het nieuwe departement kwam er in 2012 in het kader van minister Geert Bourgeois' conceptnota “Een toekomst voor de Vlaamse parochiekerk”. Meer info op www.crkc.be.